Een bijzondere bakker

door Chris
Een bijzondere bakker

We rijden in drie dagen naar Armenië en het leukste van deze dagen is een toevallige ontmoeting met een bijzondere bakker. We gaan nu eerst naar Armenië omdat dat land erg hoog gelegen is, gemiddeld ruim 1000 meter. De koude herfst kan al in september beginnen. Daarna gaan we wel weer terug naar Georgië. Dat moet namelijk toch omdat de grens tussen Armenië en Turkije gesloten is.

In het vorige reisverhaal bezochten we de Katskhi Pilaar in Georgië. Na Zestaponi (drukke stad met alleen fastfood restaurants lijkt het) kronkelen we langs een rivier. De snelweg is hier nog niet klaar: files, omleidingen, wegwerkzaamheden. Na een aardig restaurant besluiten we een plek te gaan zoeken.

Prima P4N-plek bij het dorp Ubisa (42.100226, 43.224179), maar het gaat regenen.

26 augustus

Als we van de plek wegrijden, blijkt er ook een Duits gezin in een camper te hebben overnacht. In het dorp bekijken we de kerk van Sint George.

De weg naar het oosten is chaotisch met allerlei stalletjes langs de drukke weg.

We slaan af naar Bordzjomi en vinden in een dorp een goed gesorteerde supermarkt.

Een bijzondere bakker

Er tegenover zien we een bijzondere bakker in een heel klein pandje. De vrouw is bezig vuur te maken in een enorme pot. Geïnteresseerd blijven we staan. Ze vind het prima als we foto´s maken. Helaas kunnen we elkaar niet verstaan, maar met gebarentaal en aanwijzen komen we een heel eind.

Dan pakt ze dikke bollen deeg. De vlammen zijn ondertussen gedoofd maar onderin de pot gloeit het nog heftig. Ze zet een hittebestendig masker op, verdeelt de gloeiende kooltjes met een pook en dekt dan het vuur af met oude dakpannen. Dan begint ze de broodjes aan de wand van de grote pot te plakken. Wat een zwaar en vooral heet karwei! Eerst bovenin de pot. Daarna besmeert ze alle broden met ei. De pot wordt afgedekt met een houten deksel. Maar omdat er kieren inzitten waar de hitte en de rook kunnen ontsnappen, gaat er ook nog een afgedankte dikke leren jas overheen.

Ongeduldig als wij zijn, is dit het moment waarop we twee verse doch afgekoelde broden kopen. Ze noemt het “chleb” en dat vinden we bijzonder, want in Montenegro is dat ook het woord voor “brood”. Als we die lekker in ons busje opsmikkelen, komt de bakker aanlopen met het verse hete brood, wat lief! Ze vertelt dat dit brood “naluka” heet want het is gezoet met krenten. Wow, dit brood is nog veel lekkerder!

Zwaluwen bij de burchtruïne

Na dit spontane intermezzo weer verder richting Bordzjomi! Hier is het minder leuk: doodvermoeiende inhaalacties, een verkeerde afslag en Ton moet voor de tweede keer in Georgië blazen. Dan een gloednieuw restaurant in een soort blokhut. De jonge ober geeft ons een menukaart met plaatjes, maar het meeste hebben ze (nog) niet. Uiteindelijk betalen we ongeveer 20 euro voor een salade, een portie friet en twee schapenworstjes, erg duur voor dit land. Maar we willen zijn eerste dag niet verpesten, alles gaat namelijk superonhandig. Zelfs de kok (zijn moeder?) komt nog even vriendelijk afscheid nemen.

Het drukke Bordzjomi (met zijn gezonde water) laten we dus links liggen en we vinden een mooie overnachtingsplek (41.748060, 43.207830), die van ons de naam krijgt: “zwaluwen bij de burchtruïne”. Vlakbij is een stevige hangbrug over de Koera-rivier.

26 augustus

Ik begin in “Al het blauw van de hemel” (ontroerend mooi boek van Mélissa Da Costa), Ton leest de beroemde klassieker “Ali en Nino” van Kurban Said.  Zeker een aanrader om te lezen als je naar dit gebied gaat.

Een vriendelijke maar o zo nieuwsgierige man komt even buurten. Hij spreekt een paar woorden Russisch, wij niet.

Naar de Armeense grens

Aan het eind van de relaxte ochtend maar weer eens op pad. In een zijdal eten we prima in restaurant “Edema”. Vlak voor de Armeense grens een plek in een stoppelveld aan de rand van een bosje. Ik geloof dat dit de minst leuke plek was van deze reis, die maar liefst 12 weken duurde. Ik publiceer dus de coördinaten niet, want hier heeft niemand iets aan.

Veel kuddes en roofvogels hier op de hoogvlakte.

26 augustus

Twee keer een gigantisch onweer en heel veel regen op deze plek. Er staat een nare en koude wind. Gelukkig kunnen we de plek op eigen kracht verlaten, al laten we enorme bruine sporen achter. De Georgisch – Armeense grens ligt hier op een hoogte van 2150 meter! Verwachtingsvol kijken we uit naar een geheel “nieuwe” vakantie van 2 à 3 weken… Lees hier binnenkort maar verder.

Dit vind je misschien ook leuk

Schrijf een reactie