Ook in Oostenrijk gaan we door met het concept: veel fietsen en weinig in de auto. We kiezen campings bij de snelweg met fietsmogelijkheden. Het is heet zomerweer, dus de Alpen op zijn mooist!
Vroeg in de middag komen we aan op camping Martina in Golling an der Salzach. We worden in het Nederlands verwelkomt en mogen bij de begroeide muur staan, alwaar een streepje schaduw. Achter deze muur ligt onzichtbaar de opgezwollen Salzach. Het is alweer 33°C en we fietsen naar het Bluntautal waar een aardig windje en veel schaduw voor verkoeling zorgt.
Het is hier prachtig! Eerst langs een blauw meer en later langs de rivier. We laten ergens onze voeten koelen in het water.
Dan volgen we het dal verder naar het terras van Bärenwirt, waar we eerst een magnum en dan een “Almdudler” (frisse limonade met alpenkruiden) halen bij een loketje met een oude dame. We vinden het een beetje naar rivella smaken.
Het dal van de Salzach
Terug in het hoofddal volgen we de tauernradweg een stuk tot een brug over de Salzach. Hier zitten aan de ene kant mensen op een schattig strandje en aan de andere kant buldert het water uit de Salzachklamm.
Ook fietsen we naar de Egelsee, waar het ook lekker koel is. Veel ouders maken hier een uitstapje met hun dreumesen die zich hier leuk vermaken op de stapstenen aan de rand van het meer.
In Golling is het even zoeken naar een terras dat niet aan de drukke hoofdstraat ligt. Daar is namelijk veel doorgaand verkeer. We zagen ook borden bij de snelweg, waarvan we de betekenis niet meteen begrepen. Volgens de man van de camping zijn die bedoeld om sluipverkeer tegen te gaan.
Voordat we naar het door de campingmeneer aangeraden schnitzelrestaurant gaan, nemen we een lauwe douche op de camping. Het restaurant zit meteen aan de andere kant van het tunneltje onder de spoorbaan door. En deze voor voetgangers en fietsers toegankelijke tunnel ligt pal naast de camping. De schnitzels zijn lekker! Vooral die gevuld met knoflook, ham en kaas.
De camping staat nu zo’n beetje vol, in tegenstelling tot vanmiddag toen we aankwamen. Echt een handig doortrekkerskamp dus, zo vlak bij de snelweg. Volgens mij kan je hier “aangekoppeld” blijven staan, dus je caravan aan je auto laten zitten.
26 augustus
Het is zwaar bewolkt en na drie kopjes koffie, is de helft van de campinggasten vertrokken. Een half uur lang stortregent het, dus even pauze. Dan ontbijten en douchen. Na 100 snelwegkilometertjes het Maltatal in.
Nog een mooi dal om te fietsen in Oostenrijk
De beoogde camping Zechner lijkt ons een wat sneu veldje zonder schaduw, waarschijnlijk prima als het niet zo heet is. Aangetrokken door een bord met “zwembad” erop, rijden we nog een paar kilometer verder. Deze camping heet gewoon camping Maltatal en is echt een familiecamping met gelukkig heel veel schaduw.
De reden dat we dit dal hebben uitgekozen is het mooie fietspad naar het kunstenaarsstadje Gmünd in Kärnten. Na het zwemmen, lezen en relaxen, fietsen we naar het stadje. Let op: eerst een klein stukje de “verkeerde” kant op fietsen voor de toegang tot het fietspad langs de Malta rivier. We doen een erg leuke labcache in het stadje, het begint bij de prachtige sculpturentuin van atelier Russ en voert door het gehele stadje. Dan vinden we het tijd voor een biertje op een terras met uitzicht op het mooie plein. Later eten we bij Gasthof Alte Post ook lekker buiten.
Op de terugweg proberen we nog een geocache te scoren, die ergens bij een enorme witte steen moet liggen. Ondank onze supergoede minizaklampjes lukt het niet. Ook kijken we nog bij een begraafplaats met veel familiegraven en lichtjes.
27 augustus
De volgende camping is slechts 24 kilometer verderop. Camping Draufluss is prima, maar de omgeving kan ons niet bekoren.
Fietsen in Oostenrijk is niet altijd leuk
Op zondag is vrijwel alles dicht en ook het Drau-fietspad wordt slecht aangegeven (omleiding) en blijkt niet leuk. Even rust bij het busje en uiteindelijk een eenvoudige doch heerlijke Turkse pizza. Eindelijk is het naast de camping gelegen Gasthaus Drauwirt open, zodat we de camping kunnen betalen.
28 augustus
We beginnen nu echt te snakken naar vrij kamperen en rijden naar de Karawankentunnel. Daarachter liggen de landen van de Balkan, veel gemakkelijker om een vrije plek te vinden, al wordt onze eerste plek een absolute hororervaring.
Lees eventueel verder op “naar een Bosnisch natuurzwembad”.