Home ReisverhalenBalkan, oostelijk Bulgarije najaar 2014

Bulgarije najaar 2014

door Chris
Bulgarije

Raadselachtige praktijken

Aan de Kroatische kust slaan we het toeristische Makarska over en komen in een lieflijk dorp terecht waar we eten met zicht op zonaanbidders op een mooi strand.

Camping Sirena ligt op de steile hellingen bij een tunnel, toch zijn er mooie en keurig rechte plekken, en vanaf het naastgelegen strand kun je fijn snorkelen bij de rotsen.

’s Avonds schijnt hier vaak life-muziek te zijn, dit keer twee mannen (met gitaar en mandoline) die prachtige stemmen hebben. Maar nog voordat de mannen zich hebben kunnen installeren komt er een man met een flessenmandje op ons af. Hij legt uit dat medicijnen hier net als in Schotland gratis zijn, hij heeft o.a. aspirine, antibiotica en penicilline. Ik kies een drankje met salie, lekker! Ton gooit met een grote dobbelsteen en wint een kruscowatz. Het stroomt vol met m.n. Duitsers en er blijkt ook nog iemand jarig, we krijgen taart!

De heerlijke Cetina

1 oktober
We vertrekken vrij laat en rijden vanaf Omiš langs de Cetina, waar we tijdens het eten de vissen voeren.

Dan eventjes anderhalf uur op de snelweg naar het noorden. Bij Vrsi gaan we naar een snorkelstrandje met wat kleine bootjes tussen kale rotsen, Ton snorkelt en ik wandel. Een gebogen oude herder loopt achter zijn schapen.

Dan komt er een jongeman naar beneden. Althans dat probeert hij. Steeds twijfelt hij of hij wel of niet naar “ons” strandje zal komen. Steeds lijkt hij weer weg te willen gaan. Uiteindelijk is hij vlakbij en we praten even in het Engels, o.a. over Nederlands voetbal, waar hij verrassend veel over weet.

Hij zegt dat hij gaat zwemmen. We bieden hem nog wat te drinken aan en een handdoek, want hij heeft behalve een telefoontje niets bij zich, maar hij slaat alles af. Vervolgens talmt hij zolang met kleren uit doen, dat we maar voorin het busje gaan zitten, zodat hij niet verlegen hoeft te zijn. Als hij eindelijk in zijn zwembroek bij het water staat, duurt het nog een minuut of twintig voordat hij er werkelijk in plonst, steeds wapperend met zijn handen, ziet Ton in de achteruitkijkspiegel.

Als hij wat verderop in het water ligt, horen we hem de hele tijd praten. Staat daar iemand om het hoekje? Heeft hij toch zijn mobieltje mee? Praat hij in zichzelf? Hij komt weer terug, maar even later is hij toch weer ver in het water. We worden een beetje moe van zijn vele zucht, steun- en kreungeluiden, die ook nog eens ver dragen over het water in deze kale omgeving. Eindelijk komt hij eruit, wappert weer wat en loopt naar de voorkant van ons busje en pakt daar een kleine witte steen (die overal liggen).

Gered door de rode auto

We vinden zijn gedrag ondertussen zo vreemd dat het ons niet zal verbazen als hij de steen tegen ons raam zal gooien. Op dat moment komt er een rode auto naar beneden. “Gered door de rode auto” zeggen we opgelucht tegen elkaar. Er komen twee vissers naar beneden en de jongeman praat een tijdje met ze. Dan komt er weer een auto. Het wordt ons een beetje te druk (en te vreemd) hier, we zeggen de jongeman gedag en rijden naar boven.

Aan het eind van het schiereiland bij Vrsi is een doorwaadbare plaats door zee naar een volgend eiland, we durven het net niet aan om hier met het busje doorheen te gaan, het pad aan de overkant ziet er ook niet goed uit. In deze vreemd kale rotsachtige omgeving zetten we het busje op een vlak grasveldje met een vuurplaats.

Overal om ons heen zien we vissersboten, alleen niet in de ondiepe zeestraat. ’s Avonds is er geen strooilicht op twee kleine dorpjes in de verte na.

De waterstappers

Dan komt er een auto, hij parkeert bij de doorwaadbare plaats. Een man stapt uit en even later zien we hem met grote passen en een hoofdlamp (en lieslaarzen?) in zee rondom het eiland lopen, althans hij verdwijnt om de hoek. Na een tijdje komt hij weer terug en loopt recht op ons af, steekt de ondiepe zeestraat over en loopt plonsend langs onze kant weer terug naar zijn auto en dan langs de andere kant van het eiland weer verder. Als hij een uurtje heeft “ge-waterstapt”, verdwijnt hij, maar vlak daarop komt er een tweede waterstapper. Heel vreemd! De rest van de avond buigen we ons over het vraagstuk wat deze mannen deden/zochten.

2 oktober
Het motregent. Vlak voor de brug naar Pag, ontbijten we in het dorp Rtina. Over de brug is er links een aardig uitkijkpunt bij de resten van een kleine burcht.

Pag zelf kan ons wederom niet bekoren, maar dat kan ook door het trieste weer komen. We besluiten de noordpunt van Pag niet te vereren met ons bezoek en rijden naar de veerboot waar we als laatste op kunnen. Geluksmomentje!

Valwind

Het stormt hier werkelijk heel erg hard zo vlak onder het Velebit-gebergte. Ik grijp me aan de reling vast om niet weggeblazen te worden. Wauw!

We eten chateaubriand voor twee personen in Sveti Juraj en kunnen ook even internetten. Dan naar de snelweg waar we flink door kunnen rijden. In de Karawankentunnel is slechts één baan beschikbaar, dus een half uurtje lezen. Aan de andere kant schemert het al. In het donker gooien we, “pok!” een heel brood in de Chiemsee. Is een gewoonte van ons geworden om hier even de watervogels te voeren. We beginnen moe te worden, aan de andere kant van de snelweg is het heel erg druk. We willen nog even München voorbij en gaan dan slapen op een parkeerplaats.

3 oktober
Mistig! We proberen broodjes te kopen maar alle winkels zijn dicht: de Duitse Eénwording wordt gevierd. De hele dag kijken we naar de lange files op de andere kant en zijn blij dat we zelf lekker kunnen doorrijden. Omdat het weer zonnig is, pakken we bij Idstein nog een aardige camping.

4 oktober
Nog een paar uurtjes rijden en vroeg in de middag zijn we thuis.

Dit vind je misschien ook leuk

Schrijf een reactie