Boeda Pest
Ton: In Hongarije gaan we eerst een vignet aanschaffen bij de grens en in het eerst volgende dorp een bankomaat voor het lokale geld: Hongaarse forinten (HUF): twee nullen eraf en delen door drie, dan heb je het bedrag in euro’s.
Thermaalcamping
In Lipot strijken we neer op een Thermaalcamping! Omdat we een papiertje ontvangen met maar liefst 34 regeltjes, zijn we nog niet meteen blij, maar dat verandert als we ons in het warme water laten zakken!
We lopen naar het dorp om nog wat te eten, want in het naseizoen zijn de voorzieningen hier op het complex gesloten.
9 september
We beginnen de ochtend met een warm bad, om 9 uur gaat het naastgelegen zwembadencomplex open en staan we al te trappelen met onze polsbandjes. We hebben ruim de tijd alvorens we om 11 uur moet vertrekken van de camping. Te veel regeltjes, ik zei het al. En dat allemaal voor zo’n 30 euro per overnachting!
De “turul” en de Selimgrot
Op onze rit naar Boedapest bekijken we bij Tatabanya eerst een grote vogel en grotten. De enorme “Turul”, het mythische totemdier van de Hongaren (een soort valk) heeft een zwaard van 12,5 meter tussen zijn klauwen en een Hongaarse kroon op zijn kop.
Het is even zoeken naar de Selimgrot, we dalen eerst via een trap af naar Tatabanya, maar veel te ver, je moet al snel ergens naar rechts, via een smal pad langs een diepe afgrond kom je dan bij de grotten en dolines:
Via een veel gemakkelijker pad met minder hoogteverschil komen we bovenlangs weer op de parkeerplaats.
Stadscamping in Boedapest
Al zoekend rijden we door Boedapest naar camping Haller, de camping die het dichtst bij het centrum is gelegen. De campingbaas moet om ons lachen: Nederlanders zonder acsi-kortingskaart, dat heeft hij nog nooit meegemaakt!
We krijgen veel informatie en de tip om 10 kaartjes voor het openbaar vervoer te kopen, de overgebleven kaartjes wil hij wel bij het verlaten van de camping overkopen.
We lopen 500 meter naar het metrostation en zitten al snel in het centrum van Boedapest! Eerst een koud biertje op een trappenterras in een soort kuil, heerlijk mensen kijken. Als de zon ondergaat ondernemen we een lange zoektocht door drukke straatjes naar het leukste restaurant. Het wordt iets Mexicaans. Nog een afzakkertje op een terras met straalkachels.
10 september
We nemen het “Hongaarse boerenontbijt voor twee personen” op de camping en dit is zeer overvloedig!
Fietsen in Boedapest
Dan weer naar het centrum om ergens fietsen te huren. Door een wirwar van smalle straten bereiken we de Donau, die we oversteken via de Vrijheidsbrug, een mooie ijzeren brug.
We fietsen langs de Elisabethbrug (genoemd naar de in 1898 vermoorde Sisi) en de oudste brug van Boedapest (uit 1849) de Kettingbrug. Er staat een lange wachtrij voor de funicular de burcht op, dus dat slaan we over. We eten spaghetti aan de Donau.
Het fietsen langs de Donau is gemakkelijk: geen hoogteverschil (behalve de bruggen zelf) en geen kans op verdwalen! En ze zijn overal de wegen en fietspaden aan het verbeteren, nu nog even lastig, maar in de toekomst…
Over de Margitbrug weer naar de overkant, hier is ook een parkachtig eiland met een fonteinvoorstelling. En dan willen we het Hongaarse Parlement bezoeken, we zagen het enorme gebouw aan de overkant al schitteren.
Op borden staat duidelijk aangegeven welke rondleidingen worden gegeven in welke taal en hoeveel plaatsen er in die groep nog zijn. Wij opteren voor een Duitse rondleiding die over een half uur al zal starten. Even wachten op een bankje naast een irritante Amerikaan en dan door de veiligheidscontroles.
Grappige asbakken
Een oudere dame draait haar riedeltjes af in voor ons onverstaanbaar Duits maar met een prachtige waarschijnlijk Hongaarse intonatie. We zien rijk versierde gangen en zalen met glas in lood ramen, schilderingen op de plafonds, beelden, goud, tapijten, etc. En heel veel asbakken met elk veertien genummerde plaatsen voor de sigaren van de kamerleden als ze gingen stemmen.
In de gigantische koepel staan twee soldaten op wacht en hier mag je geen foto’s maken. Dan zien we de zaal waar nog steeds het parlement zetelt. Van de 368 zetels zijn er nu 199 in gebruik.
We fietsen verder naar de grote Sint Stephan basiliek. Voor een mooi uitzicht gaan we met een lift omhoog, dan nog wat trappen…
Het is tijd om de fietsen terug te brengen. Het begint te regenen als we net voor een Ierse pub lopen en eten doen we bij “Cyrano”: heeeeerlijk! Op de terugweg naar de camping horen we weer eens een sirene, we verdenken de Hongaarse politie ervan dat ze dat ding zelfs al aanzetten als ze met hoge snelheid naar de benzinepomp moeten voor sigaretten.
Chris: Ja, dat eten was zalig. Ik zal nog even vertellen wat het was: Ton had een “ontmoeting” (al klinkt “rendez-vous” nog iets smakelijker) tussen een ree en een speenvarken, paksoi gemarineerd in oregano en verrukkelijke bloemkooltorentjes. En ik had eendenborst-risotto met spinazie, champignons en ganzenlever (knapperig van buiten en zacht van binnen), ogen dicht, genieten! (en de ganzen in dit land hebben een heel mooi leven!) Dan de toetjes: een trein van chocolademousse en vanilleroomijs en knapperige appelpannenkoekjes. En dan nog een margarita en een mojito, onze favoriete cocktails.
11 september
Na een campingontbijt met veel eieren zijn we minimaal een uur bezig om Boedapest uit te komen.
Het oosten van Hongarije
Dan volgt een saaie rit op de snelweg naar het oosten. We eten stevige Hongaarse kost in een dorp met de onuitsprekelijke naam Gergelyiugornyai en dan is het niet ver meer naar het “botenkerkhof” van Szatmárcseke, iets aparts in deze omgeving: de grafzerken lijken net kano’s. Hier ligt ook de dichter Ferenc Kölcsey begraven, die een kleine twee eeuwen geleden het Hongaarse volkslied maakte.
Vier kilometer zuidwaarts ligt de idyllisch gelegen camping Vizimalom aan het riviertje de Túr in het dorp Turistvandi. De eigenaresse Mariane is zeer vriendelijk en spreekt Engels, Istvan spreekt Frans en maakt grapjes, een beetje lastig voor ons dus. We zijn de enige campinggasten al is er in het pension een grote groep Hongaarse fietsers. We wandelen naar de 18e-eeuwse graanmolen, die op waterkracht werkt. Erachter is een oud eikenbos.
Morgen zullen we de grens met Roemenië passeren! Lees verder op pagina 3.