De IJzeren Poort
Voordat we de Donau door haar IJzeren Poort zullen zien gaan, trotseren we een gebied met grote maisvelden, vieze fabrieken, een volgens ons oninteressante archeologische opgraving (Viminacium) en grote open mijnpitten met Chinese arbeiders in woonbarakken.
Een Servisch gebruik is dat in elk dorpje wel een hek of heg versierd is met blauwe of roze strikjes. Een nieuwe wereldburger!
Bij het Zilvermeer (Srebrno jezero, een dode arm van de Donau) wordt het wat meer toeristisch. We vinden een restaurant waar we goulash en gevulde steak eten. Helaas is het ondertussen gaan regenen. Bij Golubac Grad is een burcht op een strategisch punt. Hier begint de Donau, die hier vijf kilometer breed is, zich samen te persen.
Een kilometer of 13 verderop vinden we camping Toma, een leuke plek aan de Donau met een cafeetje erbij. Er zit een briefje op de deur met waarschijnlijk zoiets als: “ik ben zo terug”. Het toiletgebouw is gewoon open, dus we wachten af. Een Engels stel wil vanwege de regen een hutje huren, maar na een uur vertrekken ze.
Tijdens een opklaring staan we aan de Donau te kijken en lopen over een smal muurtje. Wat stinkt het hier toch! Dan zien we een aangespoelde dode hond, compleet met een op ontploffen staande buik en open bek, rhhgh, wegwezen! De bomen druppelen nog na in het water, maar er zit ook veel vis zien we. Plots worden de visjes opgejaagd door een half uit het water komende roofvis, van schrik schieten ze alle kanten op.
Een gezellige avond op minicamping Toma in Servië
Ondertussen arriveert er een Duitse camperbus. Nog een uur later: de campingeigenaar. We gaan betalen, het kost 1440 RSD, maar hij kan niet wisselen. De Duitsers redden het net om gepast te betalen, dus wij krijgen hun geld. We raken aan de praat en ze blijken naar Albanië te gaan, dus we kunnen wat tips en leuke plekken uitwisselen. Zij gaan ook vaak vrij staan. Zo wordt het ondanks de regen toch nog een leuke avond.
13 september
Het regent en het waait. De jonge witte reiger loopt nu vlakbij rond en vangt een visje dat wiebelend overdwars in zijn snavel zit. Met en snelle beweging wipt hij het visje in zijn keel, waar nu een bobbel verschijnt.
Vanwege de wind maak ik de koffie in het toiletgebouwtje. Dan begint het weer langzaam wat op te klaren.
We nemen een lekkere warme douche, alles eenvoudig en wat smoezelig, maar goed functionerend. Dan nemen we afscheid van de Duitsers, die naar het nabijgelegen Lepenski Vir vertrekken. Dit zijn de fundamenten van een 8000 jaar oude nederzetting, die vanwege het stijgende water van de Donau door de stuwdammen, naar 25 meter hoger verplaatst zijn. Wij slaan dat over, gisteren al een teleurstellende hoop stenen gezien.
Wel is daar in de buurt de weg afgezet omdat wegwerkers bezig zijn een gedeelte van de steile wanden veiliger te maken, met drilboren en aan touwen hangend maken ze soms hele aardverschuivingen los, die vervolgens met een bulldozer over de vangrail worden gekiept. Leuk om te zien.
De machtige Donau versmalt zich
In Donji Milanovac doen we boodschappen en dan versmalt de Donau zich echt! Hier begint de echte IJzeren Poort, de plek waar volgens de oude Turken de stroming het heftigst was. Aan de Roemeense kant een mooi kloosterkerkje aan het water. De Donau is op zijn smalst 240 meter breed en op zijn diepst 82 meter, dit is het diepste ter wereld voor een rivier!
Dan zien we aan de overkant het in de rotsen gehouwen hoofd van koning Decebal, dit 40 meter hoge beeld is de grootste rotssculptuur in Europa.
Nog iets verder, in het echt smalste gedeelte, is vanaf het water de “Tabula Traiana” te zien. Deze grote gedenkplaat werd in het jaar 100 geplaatst ter ere van het gereedkomen van dit Romeinse wegtraject, dat hier door middel van horizontale balken in de rotswand boven de Donau zweefde. De gaten voor deze balken zijn nu helaas onder water verdwenen en ook de tabula is verplaatst.
Op de zuil van Trajanus in Rome is o.a. de bouw van deze weg afgebeeld. Deze zuil hebben we in het voorjaar op onze reis naar Rome gezien!
Een paar kilometer voorbij Kladovo zijn nog de resten te zien van de eerste pijler van de brug van Trajanus, gebouwd in 103-105 als aanvoerroute voor Romeinse soldaten in de tweede Dacische oorlog. Deze boogbrug was gebouwd op 20 pijlers die op een afstand van 38 meter van elkaar stonden, had een lengte van 1135 meter, was 45 meter hoog en 15 meter breed!
En aan de overkant zijn ook nog een paar peilers bewaard gebleven in de Roemeense stad Dobreta-Turnu Severin. Lees evt. nog dit interessante stuk over de de Dacische oorlogen. We rijden hier het “schiereiland” verder rond door kleine dorpen.
Dan op zoek naar een vrijkampeerplek. Lees verder op pagina 4.